ECLI:NL:RBZWB:2022:7346
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen verlaging pgb-tarief voor begeleiding
Verzoekster maakte bezwaar tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oosterhout om het persoonsgebonden budget (pgb) voor begeleiding door haar zorgverlener te verlagen van een formeel naar een informeel tarief voor de periode 1 oktober 2022 tot en met 30 september 2023. Zij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen om het formele tarief te handhaven zolang het bezwaar nog in behandeling is.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster onvoldoende spoedeisend belang had aangetoond. Hoewel de zorgverlener de begeleiding niet kan voortzetten tegen het lagere informele tarief, bleek uit de zitting dat de begeleiding nog steeds telefonisch wordt voortgezet zonder betaling. Tevens was niet gebleken dat verzoekster geen alternatieve zorgverlener kan accepteren, mede gelet op haar medische situatie.
Het college had de verlaging gebaseerd op nieuwe kwaliteitseisen voor pgb-zorgverleners, waarbij formele zorgverleners aan aanvullende eisen moeten voldoen, zoals vervanging bij ziekte en diploma's. De zorgverlener van verzoekster voldeed hier niet aan, waardoor het tarief werd aangepast. De voorzieningenrechter concludeerde dat het voor verzoekster niet onevenredig bezwaarlijk is om de beslissing op bezwaar af te wachten en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
De uitspraak is gedaan op 6 december 2022 door de voorzieningenrechter I.M. Josten en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de verlaging van het pgb-tarief is afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.