ECLI:NL:RBZWB:2022:7372
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling bestuursorgaan tot proceskostenvergoeding na intrekking besluit Ziektewet-uitkering
Verzoeker ontving een Ziektewet-uitkering die door verweerder op 24 november 2020 werd beëindigd wegens vermeende arbeidsgeschiktheid. Verzoeker maakte bezwaar, dat op 12 april 2021 ongegrond werd verklaard. Hiertegen stelde verzoeker beroep in bij de rechtbank.
Op 23 augustus 2022 trok verweerder het bestreden besluit in en verklaarde het bezwaar alsnog gegrond, waardoor de Ziektewet-uitkering werd voortgezet. Naar aanleiding hiervan trok verzoeker het beroep in en verzocht de rechtbank verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat verweerder aan het beroep tegemoet was gekomen en dat het verzoek tot proceskostenvergoeding voor de beroepsfase gegrond was. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van € 759,- aan proceskosten, exclusief het griffierecht dat verzoeker rechtstreeks bij verweerder kan vorderen.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van € 759,- aan proceskosten na intrekking besluit Ziektewet-uitkering.