ECLI:NL:RBZWB:2022:7374
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing last onder bestuursdwang voor demping oppervlaktewaterlichaam
Eiser, wonende aan een perceel grenzend aan een oppervlaktewaterlichaam, betwistte het besluit van het dagelijks bestuur van waterschap Scheldestromen om een nieuwe last onder bestuursdwang op te leggen aan de gebruiker van het perceel voor het dempen van het waterlichaam.
Eerdere procedures leidden tot een last onder bestuursdwang in 2018, gevolgd door een primair besluit in 2019 dat stelde dat aan de last was voldaan. Eiser maakte bezwaar, waarop het bestuur deels tegemoet kwam, maar de rechtbank vernietigde in 2021 de beslissing op bezwaar en gaf het bestuur acht weken om een nieuwe onderbouwing te geven.
Het bestuur legde vervolgens een nieuwe last op, maar gaf geen deugdelijke motivering waarom bestuursdwang niet zou worden toegepast conform de dimensionering van Acacia Water. De rechtbank oordeelt dat het bestuur niet aan de uitspraak heeft voldaan, dat de bestuursdwang terecht moet worden toegepast en beveelt uitvoering binnen acht weken.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank het bestuur tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser. De rechtbank benadrukt dat de procedure sinds 2015 loopt en dat het bestuur onvoldoende voortvarend heeft gehandeld.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het waterschapsbestuur wordt opgedragen bestuursdwang binnen acht weken uit te voeren.