ECLI:NL:RBZWB:2022:7398
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing handhaving obstacle run in strijd met bestemmingsplan
Eisers voerden beroep aan tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Breda om handhavend op te treden tegen de obstacle run op een perceel met de bestemming 'maatschappelijk'. De obstacle run werd geëxploiteerd door eiser 2 op een perceel dat door de gemeente aan eiser 1 wordt verhuurd.
Het college had aanvankelijk het handhavingsverzoek van een derde-partij afgewezen, stellende dat de obstacle run binnen de maatschappelijke bestemming viel. Na bezwaar van de derde-partij en advies van de bezwaarschriftencommissie werd het handhavingsverzoek alsnog toegewezen en is een last onder dwangsom opgelegd om de obstacle run te beëindigen.
De rechtbank oordeelt dat de obstacle run niet onder de bestemming 'maatschappelijk' valt, omdat het een commerciële activiteit betreft die niet gelijkgesteld kan worden aan publieke maatschappelijke voorzieningen zoals bedoeld in het bestemmingsplan. De sport- en speeltoestellen zijn daarmee in strijd met het bestemmingsplan en mogen alleen met vergunning worden uitgevoerd.
Eisers hebben de obstacle run inmiddels afgebroken en willen deze alleen terugplaatsen indien het beroep gegrond wordt verklaard. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, handhaaft het besluit en wijst het griffierecht en proceskostenvergoedingen af.
Uitkomst: Het beroep tegen het handhavingsbesluit wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.