ECLI:NL:RBZWB:2022:7572
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV in proceskosten na gedeeltelijke tegemoetkoming in transitievergoeding
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV over de hoogte van de compensatie voor de betaalde transitievergoeding. Het UWV heeft het besluit gewijzigd en de compensatie vastgesteld op € 35.711,76, waarna verzoekster het beroep introk met het verzoek het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De rechtbank heeft op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb geoordeeld dat het UWV aan verzoekster is tegemoetgekomen en daarom veroordeeld in de proceskosten. Het griffierecht van € 360,00 wordt door het UWV rechtstreeks aan verzoekster vergoed op grond van artikel 8:41, zevende lid, Awb.
De proceskosten voor de beroepsmatige rechtsbijstand zijn vastgesteld op € 1.300,00, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht. De rechtbank heeft de behandeling van het verzoek ter zitting achterwege gelaten en de uitspraak openbaar gemaakt op 13 december 2022.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 1.300,00 aan proceskosten aan verzoekster.