ECLI:NL:RBZWB:2022:7714
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift gegrond verklaard tegen DNA-profielbepaling bij geldboeteveroordeling
De veroordeelde diende een bezwaarschrift in tegen het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel, stellende dat dit niet van betekenis kan zijn voor de opsporing of berechting gezien de aard van het misdrijf, namelijk een verbale bedreiging. De rechtbank behandelde het bezwaar in besloten raadkamer waarbij de advocaat van de veroordeelde en de officier van justitie werden gehoord, maar de veroordeelde zelf niet verscheen.
De officier van justitie stelde dat het bezwaar ongegrond moest worden verklaard omdat bedreiging ook op manieren kan plaatsvinden waarbij DNA-onderzoek relevant kan zijn. De rechtbank oordeelde echter dat de veroordeelde was veroordeeld tot een geldboete, een straf die niet valt onder de categorieën waarvoor DNA-onderzoek wettelijk is toegestaan volgens de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden.
Daarom verklaarde de rechtbank het bezwaarschrift gegrond en beval de vernietiging van het afgenomen celmateriaal. Tegen deze beslissing zijn geen rechtsmiddelen mogelijk.
Uitkomst: Het bezwaarschrift wordt gegrond verklaard en het afgenomen celmateriaal wordt vernietigd.