Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 december 2022 in de zaak tussen
[naam eiser 1] en [naam eiser 2] , uit [plaatsnaam 1] , eisers
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie
Beslissing
.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Tilburg om een omgevingsvergunning te weigeren voor het creëren van een benedenwoning in een pand dat reeds een bovenwoning bevat.
Het college stelde de aanvraag aanvankelijk buiten behandeling, maar weigerde de vergunning uiteindelijk inhoudelijk omdat het splitsen van een grondgebonden woning in twee zelfstandige woningen niet is toegestaan volgens het bestemmingsplan. Eisers voerden aan dat wonen op de begane grond is toegestaan en dat het plan stedenbouwkundig verantwoord is, met verwijzing naar het vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel.
De rechtbank oordeelde dat het bestemmingsplan slechts één grondgebonden woning toestaat en dat het creëren van een tweede woning leidt tot een gestapelde woning die niet is toegestaan. Het college mag vasthouden aan het beleid dat gestapeld wonen op deze locatie niet is toegestaan vanwege woonkwaliteit en privacyoverwegingen.
Het verzoek van eisers om de huurovereenkomst van de bovenwoning te beëindigen werd buiten beschouwing gelaten omdat de bestuursrechter niet bevoegd is privaatrechtelijke huurovereenkomsten te ontbinden.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat het college terecht heeft geweigerd medewerking te verlenen aan de afwijking van het bestemmingsplan.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de omgevingsvergunning voor het creëren van een benedenwoning wordt ongegrond verklaard.