ECLI:NL:RBZWB:2022:8330

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
21 juli 2022
Publicatiedatum
19 januari 2023
Zaaknummer
22-004950
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Raadkamer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 94 SvArt. 552a SvArt. 552d lid 2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid klaagschrift wegens vernietiging in beslag genomen goederen

De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde het klaagschrift van klager tegen de inbeslagname van diverse goederen, waaronder afstandsbedieningen, een televisie, luidsprekers, een Playstation 3 en een digitale ontvanger. Klager stelde dat de inbeslagname disproportioneel en onrechtmatig was, omdat voor sommige goederen geen machtiging tot binnentreden bestond.

Tijdens de raadkamerzitting op 7 juli 2022 werd namens klager betoogd dat de inbeslagname onrechtmatig was en verzocht om teruggaaf van de goederen. De officier van justitie stelde echter dat klager niet-ontvankelijk moest worden verklaard omdat de goederen inmiddels met een machtiging waren vernietigd.

De rechtbank stelde vast dat het beslag op grond van artikel 94 Sv Pro was geëindigd door vernietiging van de goederen en verklaarde klager niet-ontvankelijk in zijn klaagschrift. Deze beslissing werd op 21 juli 2022 openbaar uitgesproken door rechter de Brouwer.

Uitkomst: Klager wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn klaagschrift omdat de in beslag genomen goederen zijn vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Locatie Middelburg
rk-nummer: 22-004950
Beslissing op het klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering
Beslissing op het klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv), ingekomen ter griffie op 1 februari 2022, met betrekking tot voorwerpen, in beslag genomen in de zaak:
[klager] ,
geboren op [geboortedag] 1978,
woonplaats kiezend op het kantoor van mr. N. Wouters advocaat te Middelburg, (Postbus 275, 4330 AG Middelburg),
hierna te noemen: de klager, tevens beslagene.

1.De procedure

De procedure blijkt onder meer uit de volgende stukken:
  • de kennisgeving van inbeslagname op grond van artikel 94 van Pro het Wetboek van Strafvordering (hierna te noemen: Sv), waaruit blijkt dat op 1 februari 2022 onder klager in beslag is genomen: 2 afstandsbedieningen, een televisie, 3 luidsprekers, een Playstation 3 en een digitale ontvanger;
  • het klaagschrift, dat - ondertekend door of namens klager - tijdig is ingediend ter griffie van het op grond van artikel 552a Sv bevoegde gerecht;
  • de reactie van het Openbaar Ministerie.
Op 7 juli 2022 heeft het onderzoek door de raadkamer plaatsgevonden. Hierbij zijn de officier van justitie, mr. G. Smid, en de gemachtigd raadsvrouw, mr. N. Wouters, gehoord.
Klager is behoorlijk opgeroepen, maar niet bij de behandeling van het klaagschrift verschenen.
Namens de klager is aangevoerd dat de inbeslagname van de goederen disproportioneel is. Er was wel een machtiging binnentreden voor de inbeslagname van geluidsapparatuur, echter er zijn tevens andere zaken dan geluidsapparatuur in beslag genomen, waarvoor een machtiging ontbreekt. Het beslag is onrechtmatig. Klager verzoekt het klaagschrift gegrond te verklaren en te beslissen dat de goederen aan hem geretourneerd worden.
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat klager niet-ontvankelijk is in zijn klaagschrift, omdat de goederen inmiddels met een machtiging zijn vernietigd.

2.De beoordeling

De rechtbank overweegt als volgt.
De rechtbank stelt vast dat het beslag gelegd op grond van artikel 94 Sv Pro is geëindigd omdat de goederen reeds zijn vernietigd. De rechtbank zal de klager niet-ontvankelijk verklaren in zijn beklag.

3.De beslissing

De rechtbank verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn klaagschrift.
Deze beslissing is gegeven door mr. R.J.H. de Brouwer, in tegenwoordigheid van I.L. Bruijnooge, griffier en in het openbaar uitgesproken op 21 juli 2022.
De griffier is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.
INFORMATIE RECHTSMIDDEL
Tegen deze beslissing kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na dagtekening van deze beslissing en door de klager binnen veertien dagen na de betekening van deze beslissing
beroep in cassatieworden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering)