Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- de dagvaarding
- het tegen gedaagde verleende verstek.
2.De beoordeling
3.214,00(1,0 punt × tarief € 3.214,00)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze civiele procedure vordert eiseres een verklaring voor recht dat gedaagde aansprakelijk is voor de door haar geleden en nog te lijden schade als gevolg van een incident op 26 augustus 2020. Gedaagde is niet verschenen, waardoor verstek is verleend.
De rechtbank beoordeelt het gevorderde als niet onrechtmatig of ongegrond en wijst de vorderingen toe. De aansprakelijkheid van gedaagde wordt vastgesteld en de schade wordt begroot op €668.350,11 inclusief fiscale component, exclusief wettelijke rente vanaf 15 november 2021.
Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het schadebedrag binnen veertien dagen na het vonnis, vermeerderd met wettelijke rente. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van eiseres, begroot op €3.427,43. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard voor de betaling van het schadebedrag en de proceskosten.
Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen. Het vonnis is gewezen door mr. Ponds en in het openbaar uitgesproken op 20 juli 2022.
Uitkomst: Gedaagde is aansprakelijk en veroordeeld tot betaling van €668.350,11 plus wettelijke rente en proceskosten.