De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft verdachte veroordeeld voor drie strafbare feiten gepleegd in Breda in 2021: het beschadigen van de kentekenplaat van een personenauto, het vernielen van een autoruit en het beledigen van twee buitengewoon opsporingsambtenaren, waaronder spugen in de richting van een van hen.
De bewezenverklaring berust op aangiften, getuigenverklaringen en de bekennende verklaring van verdachte. De rechtbank acht de feiten wettig en overtuigend bewezen en spreekt verdachte vrij van de belediging van een derde opsporingsambtenaar wegens onvoldoende bewijs.
Verdachte kampt met langdurige en ernstige psychische problemen, waaronder een chronisch psychotisch toestandsbeeld, en is veelvuldig veroordeeld. Hoewel ontoerekeningsvatbaarheid niet volledig kan worden vastgesteld wegens gebrek aan recent psychologisch onderzoek, is sprake van verminderd toerekeningsvatbaarheid. De rechtbank legt daarom een ISD-maatregel van twee jaar op, gezien de ernst van de feiten, recidive en het ontbreken van effect van eerdere straffen en zorg.
De rechtbank wijst een schadevergoedingsvordering af wegens onvoldoende causaal verband met bewezen feiten en wijst een vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf af vanwege de oplegging van de ISD-maatregel.
De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer op 22 februari 2022 te Breda, waarbij de rechtbank tevens de strafbaarheid van verdachte bevestigt en hem strafbaar verklaart.