ECLI:NL:RBZWB:2023:1150
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Jansen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot voortzetting crisismaatregel wegens ontbreken onmiddellijk dreigend ernstig nadeel
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 13 februari 2023 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel ingevolge artikel 7:7 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, geboren in 1999 en verblijvend in een zorgaccommodatie.
Tijdens de mondelinge behandeling waren betrokkene, haar advocaat, de behandelend arts en haar moeder aanwezig. De officier van justitie was niet verschenen. Betrokkene verklaarde dat het beter met haar ging en dat zij de zorg vrijwillig wilde voortzetten. De behandelend arts bevestigde dat het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel niet meer aanwezig was, mede doordat betrokkene geen drugs meer gebruikte en voldoende sliep.
De rechtbank stelde vast dat er aanvankelijk sprake was van ernstig lichamelijk en psychisch nadeel door een psychische stoornis en drugsgebruik, maar dat de situatie was verbeterd. Gezien de vrijwillige medewerking van betrokkene en het ontbreken van dreigend ernstig nadeel wees de rechtbank het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel af.
Tegen deze beschikking staat cassatie open. De beschikking is op 13 februari 2023 mondeling gegeven en op 17 februari schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Uitkomst: Het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel is afgewezen wegens het ontbreken van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel en de wens van betrokkene om zorg vrijwillig voort te zetten.