ECLI:NL:RBZWB:2023:1212
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV in proceskosten na intrekking beroep WIA-uitkering
Verzoekster maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar WIA-uitkering per 30 september 2022 te verlagen. Het bezwaar werd door het UWV ongegrond verklaard, waarna verzoekster beroep instelde bij de rechtbank.
Tijdens de procedure benoemde de rechtbank een verzekeringsarts als deskundige. Naar aanleiding van het deskundigenrapport nam het UWV een nieuw besluit waarin het bezwaar alsnog werd gegrond verklaard en de IVA-uitkering met terugwerkende kracht werd toegekend.
Hierop trok verzoekster haar beroep in en verzocht de rechtbank het UWV te veroordelen in de proceskosten. De rechtbank oordeelde dat het UWV in de proceskosten moet worden veroordeeld, stelde de kosten vast op €3.521,96 inclusief vergoeding voor rechtsbijstand en medisch adviseur, en wees erop dat het griffierecht door het UWV wordt vergoed.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van verzoekster ter hoogte van €3.521,96 na intrekking van het beroep.