ECLI:NL:RBZWB:2023:1388
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Geheimhoudingsbeslissing
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek geheimhouding belastingstukken wegens bescherming bedrijfsinformatie en persoonsgegevens
De inspecteur heeft in een belastingzaak een verzoek ingediend om geheimhouding van drie bijlagen (34, 35 en 36) die vertrouwelijke informatie bevatten. Bijlagen 34 en 35 zijn geschoond ingediend met weggelakte fiscale nummers en namen van andere belastingplichtigen, terwijl bijlage 36 geheel is geweigerd ter inzage vanwege vertrouwelijke bedrijfsinformatie.
De gemachtigde van belanghebbende stemde niet in met het verzoek tot geheimhouding van bijlage 36. De geheimhoudingskamer besloot geen zitting te houden, omdat de aard van de procedure dit niet vereiste en partijen zich schriftelijk hadden uitgelaten.
De kamer voerde een belangenafweging uit tussen het belang van belanghebbende bij kennisneming en het belang van de inspecteur bij geheimhouding. Voor bijlagen 34 en 35 werd geoordeeld dat het beschermen van persoonsgegevens en privacy zwaarder woog dan het belang van belanghebbende. Bijlage 36 bevatte vertrouwelijke bedrijfsinformatie van een minderheidsaandeelhouder en standpunten van de inspecteur over ondernemingsrechtelijke onderwerpen, waarvan geheimhouding noodzakelijk werd geacht.
De kamer concludeerde dat het verzoek om geheimhouding van deze stukken gerechtvaardigd was en wees het toe. Tegen deze beslissing kan alleen hoger beroep worden ingesteld tegelijk met het hoger beroep in de hoofdzaak.
Uitkomst: Het verzoek van de inspecteur om geheimhouding van bepaalde stukken is toegewezen.