ECLI:NL:RBZWB:2023:140
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op herbeoordeling kinderopvangtoeslag
Eiseres heeft op 1 juli 2021 een verzoek ingediend tot herbeoordeling van haar situatie met betrekking tot de kinderopvangtoeslag. Verweerder heeft niet tijdig op dit verzoek beslist, ondanks ingebrekestelling op 1 augustus 2022. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en verklaart het beroep gegrond.
Verweerder heeft verzocht om een langere termijn van dertien weken voor het nemen van een besluit vanwege het grote aantal verzoeken en de benodigde zorgvuldige behandeling. De rechtbank acht een termijn van elf weken na verzending van de uitspraak redelijk en wijst het verzoek om verlenging met vertraging door eiseres af vanwege gebrek aan duidelijkheid.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op voor elke dag dat verweerder de termijn overschrijdt, met een maximum van €15.000. De reeds vastgestelde bestuurlijke dwangsom van €1.442 blijft ongewijzigd. Verweerder wordt tevens veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Verweerder moet binnen elf weken een besluit nemen en betaalt een dwangsom bij overschrijding, met vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.