ECLI:NL:RBZWB:2023:153
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op aanvraag herbeoordeling kinderopvangtoeslag
Eiser heeft op 18 november 2020 een aanvraag ingediend voor herbeoordeling van zijn situatie met betrekking tot de kinderopvangtoeslag. Verweerder, de Belastingdienst/Toeslagen, heeft niet tijdig op deze aanvraag beslist, ondanks ingebrekestelling op 7 juli 2022.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat de beslistermijn is overschreden. Verweerder wordt opgedragen binnen negen weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van € 100 per dag opgelegd voor elke dag dat de termijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000.
De rechtbank wijst het verzoek van verweerder om een langere termijn van dertien weken af en ziet geen aanleiding om de termijn te verlengen met vertraging door toedoen van eiser. Daarnaast moet verweerder het betaalde griffierecht en proceskosten van eiser vergoeden, waarbij de proceskosten worden vastgesteld op € 418,50 vanwege de lichte aard van het geschil.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en bepaalt dat de Belastingdienst binnen negen weken alsnog een besluit moet nemen, met een dwangsom bij overschrijding.