ECLI:NL:RBZWB:2023:1597
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding beroepstermijn bij aanslag inkomstenbelasting 2015
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur inzake de aanslag inkomstenbelasting en premievolksverzekeringen over het jaar 2015. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting en stelt vast dat het beroepschrift niet tijdig is ingediend binnen de wettelijke termijn van zes weken na verzending van de uitspraak op bezwaar.
De rechtbank onderzoekt of het beroepschrift per post of persoonlijk is ingediend. De enveloppe bevat geen poststempel en het beroepschrift werd ontvangen op 24 augustus 2022, terwijl de termijn eindigde op 18 augustus 2022. Belanghebbende kon niet aannemelijk maken dat het beroepschrift tijdig ter post is bezorgd, noch dat persoonlijke indiening binnen de termijn plaatsvond.
Daarnaast faalt het beroep op verschoonbaarheid van de termijnoverschrijding, ondanks verwijzing naar problemen bij PostNL, omdat dit niet met bewijs is onderbouwd en de verantwoordelijkheid voor tijdige indiening bij belanghebbende ligt.
Het betoog dat niet-inhoudelijke behandeling het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel schendt, wordt eveneens verworpen wegens gebrek aan onderbouwing. De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder verschoonbare redenen.