ECLI:NL:RBZWB:2023:1748
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde restaurant en aanslag onroerendezaakbelasting gemeente Tilburg
Belanghebbende, eigenaar van een restaurant in Tilburg, betwistte de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van €628.000 per 1 januari 2020 en de daarop gebaseerde aanslag onroerendezaakbelasting (OZB) voor 2021.
De heffingsambtenaar onderbouwde de waarde via de huurwaardekapitalisatiemethode, met vergelijkingen van negen referentieobjecten en een kapitalisatiefactor van 10,2. Belanghebbende stelde dat het leegstandsrisico te laag was ingeschat en dat vanwege de coronapandemie een waardevermindering van 40% op zijn plaats was.
De rechtbank oordeelde dat de heffingsambtenaar voldoende aannemelijk had gemaakt dat de waarde niet te hoog was vastgesteld. De coronapandemie was op de waardepeildatum nog niet relevant en het aangehaalde arrest van de Hoge Raad was niet toepasbaar op de WOZ-waardering. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens termijnoverschrijding werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €628.000 en de aanslag OZB wordt ongegrond verklaard.