ECLI:NL:RBZWB:2023:1832
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op aanvraag omgevingsvergunning varkenshouderij
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oisterwijk omdat verweerder niet tijdig heeft beslist op hun aanvraag van 8 juni 2020 voor een omgevingsvergunning voor wijziging en uitbreiding van dieraantallen binnen de bestaande stalruimte van een varkenshouderij.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn van zes maanden, zoals bepaald in artikel 3:18 van Pro de Awb, was verstreken voordat eisers verweerder op 26 augustus 2022 in gebreke stelden. Na het verstrijken van de ingebrekestellingstermijn van twee weken is het beroep gegrond verklaard. Verweerder heeft aangegeven dat de procedure langer duurt door een lang voortraject en de noodzaak van een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad.
De rechtbank acht het redelijk om verweerder tot 1 november 2023 de tijd te geven om een besluit te nemen, waarbij een dwangsom van € 100,- per dag geldt bij overschrijding met een maximum van € 15.000,-. Daarnaast moet verweerder het betaalde griffierecht en proceskosten van eisers vergoeden. De rechtbank heeft het beroep gegrond verklaard en het niet tijdig nemen van een besluit vernietigd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt het college op uiterlijk 1 november 2023 alsnog een besluit te nemen, met een dwangsom bij overschrijding.