Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
2.De verdere beoordeling
1.495,00(2,5 punt x tarief € 598,00)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiseres vorderde vergoeding van € 34.224,80 voor definitief herstel van het glasvezelnetwerk na beschadiging door gedaagde. Zij stelde dat tijdelijke herstelwerkzaamheden onvoldoende waren en dat de definitieve herstelkosten noodzakelijk waren door de schade veroorzaakt door gedaagde.
Gedaagde betwistte de aansprakelijkheid, de noodzaak van de herstelwerkzaamheden en het causaal verband met haar handelen. De rechtbank nam aan dat de herstelwerkzaamheden waren uitgevoerd, maar oordeelde dat eiseres onvoldoende had onderbouwd dat deze kosten noodzakelijk waren als gevolg van de onrechtmatige daad van gedaagde.
De rechtbank wees de vordering voor definitief herstel af, maar kende wel vergoeding toe voor eerder toegewezen kosten van tijdelijk herstel (€ 17.957,77) en buitengerechtelijke kosten (€ 954,58). Tevens werden proceskosten toegewezen aan eiseres. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Vordering tot vergoeding kosten definitief herstel glasvezelnetwerk afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing oorzakelijk verband.