ECLI:NL:RBZWB:2023:2101
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op bezwaar beëindiging WIA-uitkering gegrond verklaard
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar tegen het besluit van 24 januari 2022 tot beëindiging van haar WIA-uitkering. Het bezwaar werd ingediend op 27 januari 2022, waarna verweerder de beslistermijn met zes weken verlengde, waardoor uiterlijk 15 augustus 2022 een besluit had moeten volgen. Deze termijn is echter verstreken zonder besluit.
Eiseres stelde verweerder op 24 augustus 2022 in gebreke en startte vervolgens het beroep binnen een redelijke termijn, ondanks dat het beroepschrift ruim vijf maanden na de ingebrekestelling werd ingediend. De rechtbank acht het beroep gegrond en vernietigt het niet tijdig nemen van een besluit. Verweerder wordt opgedragen binnen vier maanden na verzending van de uitspraak alsnog te beslissen.
Vanwege de overschrijding van de beslistermijn legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten van eiseres, waarbij het geschil als licht wordt aangemerkt. De uitspraak is gedaan door rechter I.M. Josten op 30 maart 2023.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op binnen vier maanden alsnog te beslissen op het bezwaar tegen de beëindiging van de WIA-uitkering.