ECLI:NL:RBZWB:2023:2139

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
27 maart 2023
Publicatiedatum
30 maart 2023
Zaaknummer
407903 HA RK 23-54 (E)
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verschoning
Rechters
  • Breeman
  • Hertsig
  • Tempel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 RvArt. 40 RvArt. 41 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verschoningsverzoek rechter wegens schijn van partijdigheid

In deze zaak heeft de rechter een verzoek tot verschoning ingediend omdat een aannemer, die een zakelijke relatie is van haar echtgenoot en recent werkzaamheden aan haar woning heeft verricht, betrokken is bij de descente in de hoofdzaak. De rechter achtte dat hierdoor de schijn van partijdigheid kan ontstaan.

De verschoningskamer heeft dit verzoek beoordeeld aan de hand van de artikelen 36, 40 en 41 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Hierbij is overwogen dat rechters worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er objectief gerechtvaardigde redenen zijn om aan die onpartijdigheid te twijfelen, waaronder ook de uiterlijke schijn van partijdigheid.

Gezien de omstandigheden acht de kamer het verzoek gegrond en wijst het toe. De behandeling van de hoofdzaak wordt overgenomen door een andere rechter en het proces wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond ten tijde van het verzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen vanwege de schijn van partijdigheid.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Verschoningskamer
Locatie: Breda
Procedurenummer: C/02/407903/HA RK/23-54
beslissing van 27 maart 2023
in de zaak van
mr. Stoof
rechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant
hierna: de rechter
belast met de behandeling van de hoofdzaak met kenmerk 399780 HA ZA 22-368 tussen:
[betrokkene 1]
gemachtigde: mr. J.R. van Manen
en
[betrokkene 2]
gemachtigde: mr. J. Braspenning.

1.De procedure

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit het verschoningsverzoek van de rechter van 27 maart 2023.
1.2
Een verschoningsverzoek hoeft, anders dan een wrakingsverzoek, niet ter zitting te worden behandeld. Het verzoek is daarom niet ter zitting behandeld.

2.Het verschoningsverzoek

2.1
De rechter heeft het verschoningsverzoek op het volgende gebaseerd. De rechter ontving vandaag een bericht dat namens een van de partijen ook de betrokken aannemers bij de descente op 28 maart 2023 om 9.15 uur aanwezig zullen zijn om bouwkundige vragen te beantwoorden. Een van deze aannemers is een zakelijke relatie van de echtgenoot van de rechter, die regelmatig wordt ingeschakeld als bouwbegeleider. Deze aannemer heeft vorige week het dak van het huis van de rechter geïnspecteerd in verband met aanhoudende lekkages. Door deze omstandigheid zou volgens de rechter de schijn van partijdigheid kunnen worden gewekt.

3.Het wettelijk kader

3.1
In artikel 40, eerste lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) is bepaald dat elk van de rechters die een zaak behandelen, kan verzoeken zich te mogen verschonen op grond van feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 36.
3.2
In artikel 36 Rv Pro is bepaald dat elk van de rechters die een zaak behandelen op verzoek van een partij kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
3.3
In artikel 41, tweede lid, Rv is bepaald dat de meervoudige kamer zo spoedig mogelijk beslist. De beslissing is gemotiveerd en wordt onverwijld aan partijen en de rechter, die het verzoek had gedaan, medegedeeld.

4.De beoordeling

4.1
Verschoning is een middel ter verzekering van de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van rechters. Voorop staat dat een rechter uit hoofde van haar aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter jegens een partij een vooringenomenheid koestert, of dat de vrees dat daarvan sprake is objectief gerechtvaardigd is.
4.2
Van een gebrek aan onpartijdigheid kan, geheel afgezien van de persoonlijke instelling van de betrokken rechter, ook sprake zijn wanneer bepaalde feiten en omstandigheden grond geven te vrezen dat het een rechter in die omstandigheden aan onpartijdigheid ontbreekt. Dan dient de rechter zich van een beslissing in de zaak te onthouden, nu rechtzoekenden in het rechterlijk apparaat vertrouwen moeten kunnen stellen. Daarom valt onder omstandigheden ook rekening te houden met de uiterlijke schijn van partijdigheid of vooringenomenheid.
4.3
Uit het verschoningsverzoek blijkt dat in dit geval sprake is van zodanige omstandigheden dat de rechter er rekening mee houdt dat anderen uit die omstandigheden een schijn van partijdigheid zouden kunnen afleiden. De verschoningskamer ziet hierin een genoegzame grond voor verschoning gelegen. Het verschoningsverzoek zal daarom worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen.

5.De beslissing

De verschoningskamer:
5.1
wijst het verzoek tot verschoning toe;
5.2
bepaalt dat, met inachtneming van het toegewezen verzoek, het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat het verschoningsverzoek werd ingediend;
5.3
beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:
 de rechter;
 de teamvoorzitter van het team waarin de rechter werkzaam is;
 de partijen in de hoofdzaak.
Deze beslissing is genomen in raadkamer op 27 maart 2023 door mr. Breeman,
mr. Hertsig en mr. Tempel, rechters, in aanwezigheid van mr. Rockx, griffier. De beslissing wordt openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De griffier is buiten staat om deze beslissing te ondertekenen.
voorzitter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.