Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 15 maart 2023 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 Wvggz Pro voor betrokkene, die verblijft in een zorginstelling vanwege een psychische stoornis. Betrokkene verzette zich tegen voortzetting van de opname en verplichte zorg, maar was bereid ambulante zorg te accepteren.
Tijdens de mondelinge behandeling werden betrokkene, haar echtgenoot, psychiater, afdelingsarts, co-assistent en verpleegkundige gehoord. De psychiater en afdelingsarts bevestigden het bestaan van een ernstig psychotisch toestandsbeeld en het belang van voortzetting van de crisismaatregel. De afdelingsarts merkte op dat betrokkene onvoldoende meewerkt aan medicatie, wat mogelijk verband houdt met schildklierproblematiek.
De rechtbank oordeelde dat er een onmiddellijk dreigend ernstig nadeel bestaat door de psychische stoornis, dat de gevraagde zorg noodzakelijk is en dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn. De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel werd verleend voor een periode van drie weken, met beperkingen in bewegingsvrijheid en toezicht voor maximaal tien dagen, en aanvullende beperkingen in het eigen leven. Het verzoek tot toediening van vocht en voeding werd afgewezen wegens gebrek aan noodzaak.
De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk uitgewerkt, met de mogelijkheid tot cassatie.
Uitkomst: Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verleend voor drie weken met specifieke zorgvormen en beperkingen.