ECLI:NL:RBZWB:2023:230
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken machtiging bij bezwaar WOZ-waarde
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de vastgestelde WOZ-waarde van een pand door de heffingsambtenaar van de gemeente Tilburg. Het beroep is ingesteld door een gemachtigde namens belanghebbende.
De rechtbank constateert dat bij het beroepschrift geen machtiging is overgelegd waaruit blijkt dat de gemachtigde bevoegd is om namens belanghebbende op te treden. Ondanks twee verzoeken van de rechtbank om dit verzuim te herstellen, heeft de gemachtigde geen machtiging ingediend en geen geldige reden voor het verzuim gegeven.
Op grond van artikel 6:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht verklaart de rechtbank het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Tevens wijst de rechtbank het verzoek om immateriële schadevergoeding af omdat de redelijke behandeltermijn in eerste aanleg niet is overschreden. Een proceskostenveroordeling wordt niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een machtiging en het verzoek om immateriële schadevergoeding wordt afgewezen.