ECLI:NL:RBZWB:2023:2560
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslagen en boetes motorrijtuigenbelasting voor niet-voldane inrichtingseisen bestelauto
Belanghebbende is houder van twee motorrijtuigen die in het kentekenregister als bestelauto, type opleggertrekker, zijn geregistreerd. Bij controle is vastgesteld dat de auto’s niet meer voldoen aan de fiscale inrichtingseisen voor een bestelauto, waardoor de inspecteur de voertuigen als personenauto’s heeft aangemerkt en naheffingsaanslagen en boetes heeft opgelegd.
De rechtbank stelt vast dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd omdat de auto’s niet voldoen aan de inrichtingseisen die gelden voor bestelauto’s, ondanks de vermelding 'opleggertrekker' in het kentekenregister. Het standpunt van belanghebbende dat deze vermelding op zichzelf voldoende is, wordt verworpen. Nieuwe stellingen over feitelijke inrichting worden niet toegelaten wegens strijd met de goede procesorde.
De boetes worden passend geacht, maar verminderd met 15% vanwege een overschrijding van de redelijke termijn van 13 maanden. Belanghebbende krijgt een vergoeding van immateriële schade toegekend van €1.500, verdeeld tussen de inspecteur en de Minister. Tevens wordt belanghebbende proceskosten en griffierecht vergoed. De beroepen worden gegrond verklaard voor zover het boetes betreft en ongegrond voor de naheffingsaanslagen.
Uitkomst: Naheffingsaanslagen blijven in stand, boetes worden verminderd en vergoeding immateriële schade en proceskosten toegekend.