Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 24 april 2023 in de zaak tussen
[belanghebbende], uit [plaats] (Duitsland), belanghebbende,
de inspecteur van de belastingdienst.
Inleiding
Feiten
Overeenkomst I
Overeenkomst d.d. 27 september 2002 inhoudende een jaarlijkse uitkering van € 12.013 per jaar ingaande op 65- jarige leeftijd van Verzekerde en eindigend bij zijn overlijden. Verzekerd is tevens een nabestaandenlijfrente welke bij vooroverlijden van Verzekerde jaarlijkse uitkeringen van gelijke hoogte aan de nabestaande uitkeert welke eveneens eindigen bij haar overlijden.
Overeenkomst II
Overeenkomst d.d. 27 september 2002 inhoudende een jaarlijkse uitkering van € 7.329 per jaar welke reeds is ingegaan en eindigend bij het overlijden van Verzekerde. Verzekerd is tevens een nabestaandenlijfrente welke bij vooroverlijden van Verzekerde jaarlijkse uitkeringen van gelijke hoogte aan de nabestaande uitkeert welke eveneens eindigen bij haar overlijden.
Overeenkomst III
Artikel 2 Afkoopwaarde Pro
In opdracht van Verzekeraar zijn op grond van actuariële grondslagen alsmede de actuele tariefstelling bij solide Nederlandse verzekeringsmaatschappijen de commerciële afkoopwaarden voor de onder 1 genoemde lijfrenteovereenkomsten als volgt berekend;
- Overeenkomst I: € 353.461;
- Overeenkomst II: € 318.446;
- Overeenkomst III: € 61.107.