ECLI:NL:RBZWB:2023:3100
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op aanvraag herbeoordeling kinderopvangtoeslag
Eiseres heeft beroep ingesteld omdat de Belastingdienst niet tijdig heeft beslist op haar aanvraag van 9 april 2021 tot herbeoordeling van haar kinderopvangtoeslag. De beslistermijn was verlengd tot 9 april 2022, maar een besluit bleef uit.
Hoewel eiseres de ingebrekestelling op 5 april 2022 verzond, nog voor het verstrijken van de beslistermijn, verklaart de rechtbank het beroep ontvankelijk vanwege de omstandigheden en de mededeling van verweerder dat tijdige besluitvorming niet haalbaar was.
De rechtbank bepaalt dat verweerder binnen zeven weken na verzending van de uitspraak alsnog moet beslissen, met een dwangsom van € 100 per dag vertraging tot maximaal € 15.000. Verweerder moet het betaalde griffierecht en een forfaitaire proceskostenvergoeding van € 418,50 aan eiseres vergoeden. Een verzoek tot vergoeding van werkelijke proceskosten wordt afgewezen wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, verweerder moet binnen zeven weken alsnog beslissen en een dwangsom betalen bij overschrijding.