Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het procesverloop
- de vader;
- een vertegenwoordiger van de Raad;
- twee vertegenwoordigers van de gecertificeerde instelling.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 29 maart 2023 uitspraak gedaan in een zaak betreffende de beëindiging van het ouderlijk gezag over een minderjarige die sinds 2019 bij pleegouders verblijft. De Raad voor de Kinderbescherming verzocht om het gezag van de ouders te beëindigen en de pleegouders als voogd te benoemen, vanwege ernstige bedreiging van de ontwikkeling van het kind en het onvermogen van de ouders om binnen een aanvaardbare termijn voor verzorging en opvoeding te zorgen.
De ouders zijn sinds 2016 gescheiden en kampen met persoonlijke problematiek, waaronder verslavingsproblemen bij de vader en onregelmatigheden in contactmomenten met de moeder. De minderjarige ervaart hierdoor spanning, onzekerheid en emotionele belasting, wat haar ontwikkeling schaadt. De pleegouders bieden een stabiele en veilige opvoedomgeving die aansluit bij haar behoeften.
De rechtbank oordeelt dat aan de wettelijke criteria voor gezagsbeëindiging is voldaan, mede gelet op jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De ouders stemmen in met de beëindiging en de benoeming van de pleegouders tot voogd. De rechtbank wijst het verzoek toe, verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad en verzoekt om registratie in het centraal gezagsregister.
Uitkomst: Het ouderlijk gezag wordt beëindigd en de pleegouders worden benoemd tot voogd over de minderjarige.