Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De vordering tot tenuitvoerlegging
6.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan de onder 1 tot en met 3 tenlastegelegde feiten;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 18 april 2023 de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van bankhelpdeskfraude in vereniging, diefstal in vereniging en diefstal met valse sleutel in vereniging. Verdachte was niet aanwezig tijdens de zitting, maar werd vertegenwoordigd door zijn raadsman. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten toegelicht.
De tenlastelegging betrof drie feiten waarbij verdachte samen met anderen betrokken zou zijn geweest bij oplichting, diefstal en het wegnemen van geld met bankpassen van het slachtoffer. De enige link tussen verdachte en de feiten was de vondst van vingerafdrukken op een envelop die op de plaats delict kon worden geplaatst.
De rechtbank oordeelde dat hoewel vingerafdrukken als ondersteunend bewijsmateriaal kunnen dienen, het niet duidelijk was wanneer deze op de envelop zijn achtergelaten. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of verdachte op het moment van de feiten aanwezig was of betrokken was bij de strafbare feiten. Het dossier bood onvoldoende bewijs voor een actieve rol van verdachte als medepleger of medeplichtige. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Daarnaast werd de vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf uit 2018 afgewezen omdat verdachte werd vrijgesproken. De uitspraak werd op 15 mei 2023 uitgesproken door de meervoudige kamer van de rechtbank te Breda.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs.