Op 26 augustus 2020 heeft gedaagde eiseres door het hoofd geschoten, wat leidde tot ernstige blijvende beperkingen. Eiseres verbleef lange tijd in ziekenhuizen en revalidatiecentra en woont nu aangepast bij haar moeder. De rechtbank heeft in een eerdere strafzaak gedaagde veroordeeld voor het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel.
Eiseres vorderde in deze civiele procedure vergoeding van de door haar geleden schade, waaronder materiële en immateriële schade en verlies aan verdienvermogen. Gedaagde erkende aansprakelijkheid maar betwistte de hoogte van de schadevergoeding, met name de berekening van het verlies aan verdienvermogen en de fiscale component.
De rechtbank stelde vast dat de berekening van het verlies aan verdienvermogen door bureau Laumen redelijk is, ondanks enkele discussiepunten over het bruto inkomen en uitkeringsbedragen. Ook de fiscale component werd toegewezen, waarbij het verweer van gedaagde dat de berekening op fictief rendement achterhaald zou zijn, onvoldoende concreet was onderbouwd.
De rechtbank bekrachtigde het verstekvonnis van juli 2022 en veroordeelde gedaagde tot betaling van €668.350,11 aan eiseres, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 15 november 2021. Tevens werd gedaagde veroordeeld in de kosten van de verzetprocedure.