ECLI:NL:RBZWB:2023:3381
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen termijn voor beslissing op bezwaar WIA-uitkering afgewezen
Opposante heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar tegen een besluit over haar WIA-uitkering. De rechtbank heeft dit beroep gegrond verklaard en verweerder opgedragen binnen vier maanden alsnog een besluit te nemen.
Tegen deze uitspraak heeft opposante verzet ingesteld, omdat zij de termijn van vier maanden te lang vindt. De rechtbank beoordeelt in dit verzet uitsluitend of de eerdere uitspraak terecht is gedaan zonder zitting en of het buiten redelijke twijfel staat dat het beroep gegrond is.
De rechtbank overweegt dat verweerder kampt met een tekort aan verzekeringsartsen, waardoor het plannen van medische spreekuren vertraging veroorzaakt. De opgelegde termijn van vier maanden houdt rekening met deze reële mogelijkheden en het belang van opposante om tijdig duidelijkheid te krijgen.
Een kortere termijn zou niet haalbaar zijn en een zorgvuldige heroverweging in de weg staan. Daarom is het verzet ongegrond verklaard en blijft de eerdere uitspraak in stand. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzet tegen de termijn van vier maanden voor beslissing op bezwaar wordt ongegrond verklaard.