De zaak betreft een verzoek van de Gecertificeerde Instelling (GI) tot voortzetting van een machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige die sinds april 2023 op een geheime locatie verblijft. De minderjarige vertoonde probleemgedrag op school en gaf aan angst te hebben voor de vader, wat aanleiding gaf tot een spoedmachtiging.
De ouders oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit, maar verschillen van mening over de veiligheid thuis. De vader ontkent de beschuldigingen en stelt dat de minderjarige extreem pubergedrag vertoont en de schuld buiten zichzelf legt. De moeder benadrukt de angst en getuige zijn van geweldsincidenten tussen de ouders.
De kinderrechter concludeert dat de wettelijke criteria voor voortzetting van de uithuisplaatsing zijn vervuld en dat nader onderzoek naar de thuissituatie en opvoedvaardigheden van de vader noodzakelijk is. De machtiging wordt daarom verlengd tot 24 juli 2023, met een tussentijds toetsmoment gepland op 11 juli 2023. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.