Partijen zijn gehuwd geweest en gescheiden met een convenant waarin de man partneralimentatie betaalt aan de vrouw. De man verzoekt de bijdrage te verlagen vanwege gewijzigde omstandigheden, waaronder het wegvallen van de zorg voor minderjarige kinderen en het feit dat de vrouw sinds februari 2023 een arbeidsovereenkomst heeft.
De rechtbank stelt vast dat de man ontvankelijk is in zijn verzoek en dat de draagkracht van de man niet in geschil is. De vrouw heeft een laag opleidingsniveau en beperkte arbeidsverleden, maar kan naar het oordeel van de rechtbank haar verdiencapaciteit verhogen. De rechtbank acht een gefaseerde afbouw van de alimentatie passend, zodat de vrouw de tijd krijgt haar inkomen te verhogen.
De rechtbank berekent het netto besteedbaar inkomen van de vrouw in verschillende fasen en bepaalt dat vanaf 1 augustus 2023 de alimentatie wordt verlaagd naar €489 per maand en vanaf 1 januari 2024 op nihil wordt gesteld. De proceskosten worden niet toegewezen omdat de vrouw met behoorlijke gronden verweer voerde.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en partijen dragen elk hun eigen kosten.