ECLI:NL:RBZWB:2023:379
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen omgevingsvergunning teeltondersteunende voorzieningen buiten bouwvlak
Eiseres maakte bezwaar tegen de omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Etten-Leur verleende voor het aanleggen van teeltondersteunende voorzieningen op een perceel buiten het bouwvlak. Het bezwaar werd ongegrond verklaard, waarna eiseres beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank beoordeelde of de vergunning in strijd was met het bestemmingsplan Buitengebied en de Interim Verordening Ruimte. De voorzieningen bestonden uit palen die het gehele jaar blijven staan en plastic folie dat alleen tijdens het teeltseizoen aanwezig is. De voorzieningen kwalificeren als 'teeltondersteunende voorzieningen, overig' en voldoen aan de maximale bouwhoogte van 4 meter. Ook is het verstoringsgebied kleiner dan 50.000 m², waardoor geen archeologisch onderzoek vereist is.
Eiseres stelde dat het dossier onvoldoende was gemotiveerd en dat onduidelijkheid bestond over de aard van de voorzieningen en de archeologische gevolgen. De rechtbank oordeelde dat het college voldoende informatie had om de aanvraag te beoordelen en dat het advies van de welstandscommissie was overgelegd.
De rechtbank concludeerde dat het college terecht de vergunning had verleend en verklaarde het beroep ongegrond. Het bestreden besluit blijft daarmee in stand en eiseres krijgt het griffierecht niet terug.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de omgevingsvergunning voor teeltondersteunende voorzieningen.