ECLI:NL:RBZWB:2023:3989
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding na intrekking beroep WIA-uitkering door UWV
Verzoekster had beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV waarin haar arbeidsongeschiktheid werd herzien en haar WIA-uitkering werd beëindigd. Na wijziging van het besluit door het UWV, waarbij een IVA-uitkering werd toegekend met terugwerkende kracht, trok verzoekster haar beroep in en verzocht om vergoeding van proceskosten.
De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 8:75a Awb bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming door het bestuursorgaan, proceskosten kunnen worden toegewezen. Het UWV verzette zich niet tegen de proceskostenvergoeding.
De rechtbank wees het verzoek toe en stelde de proceskosten vast op € 837,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Tevens wees de rechtbank erop dat het UWV het griffierecht van € 50,- aan verzoekster moet vergoeden.
De uitspraak werd gedaan door rechter A.M.L.E. Ides Peeters op 8 juni 2023 en is zonder zitting gewezen.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van € 837,- aan proceskosten na intrekking van het beroep.