ECLI:NL:RBZWB:2023:4101
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV in proceskosten na intrekking beroep wegens tegemoetkoming
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV tot beëindiging van haar Ziektewet-uitkering per 20 april 2021. Het UWV heeft dit besluit op 8 maart 2023 gewijzigd, waardoor verzoekster ongewijzigd recht kreeg op de Ziektewet-uitkering vanaf genoemde datum. Vervolgens heeft het UWV aangegeven dat verzoekster geen belang meer had bij een oordeel van de rechtbank en was bereid de proceskosten te vergoeden.
Naar aanleiding hiervan heeft verzoekster het beroep ingetrokken met het verzoek het UWV te veroordelen in de proceskosten. De rechtbank heeft op grond van artikel 8:54 Awb Pro de behandeling ter zitting achterwege gelaten en overwogen dat het UWV aan verzoekster is tegemoetgekomen. Daarom veroordeelde de rechtbank het UWV in de proceskosten van verzoekster, vastgesteld op € 1.674,00.
Daarnaast overwoog de rechtbank dat het griffierecht van € 49,00 door het UWV aan verzoekster dient te worden vergoed op grond van artikel 8:41 Awb Pro, zodat een veroordeling daarvoor niet nodig was. De uitspraak is gedaan op 14 juni 2023 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoekster ter hoogte van € 1.674,00.