ECLI:NL:RBZWB:2023:4113
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens kortstondig stilstand voor brief posten
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd omdat zijn auto op 24 mei 2022 zonder betaling stil stond in een parkeervak aan de [straatnaam] te [plaats]. Hij maakte bezwaar en stelde dat hij slechts kortstondig stil stond om een brief te posten bij een PostNL brievenbus, en dat dit geen parkeren betrof.
De heffingsambtenaar verklaarde het bezwaar ongegrond en handhaafde de naheffingsaanslag. De rechtbank oordeelde echter dat het stilzetten van de auto met draaiende motor en brandende verlichting, kortdurend voor het posten van een brief, niet als parkeren in de zin van de Verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen 2022 kan worden beschouwd.
De rechtbank baseerde zich op de foto’s van de scanauto die het stilstaande voertuig, de brievenbus en een persoon lopend naar de brievenbus toonden. Gezien de korte duur en het doel van het stil staan, achtte de rechtbank het onredelijk om parkeerbelasting te eisen. Daarom werd de naheffingsaanslag en de uitspraak op bezwaar vernietigd en het griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De naheffingsaanslag parkeerbelasting is vernietigd omdat het kortstondig stilzetten van de auto voor het posten van een brief geen parkeren is.