Uitspraak
1.De procedure
- het tussenvonnis van 19 oktober 2022 in het incident met de daarin genoemde stukken;
- de conclusie van antwoord met producties van Catcher Group;
- de conclusie van repliek van Debtt.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Partijen sloten een serviceabonnement voor incassowerkzaamheden af voor een jaar tegen €750 exclusief btw. Debtt vordert betaling van openstaande abonnementskosten, dossierkosten wegens overdracht dossier aan ander incassobureau, en buitengerechtelijke incassokosten. Catcher Group erkent een deel van de abonnementskosten niet betaald te hebben, maar betwist de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden en voert vernietiging van de overeenkomst aan wegens dwaling.
De rechtbank oordeelt dat Catcher Group geen beroep kan doen op de reflexwerking van consumentenbeschermingsregels omdat zij handelt in het kader van haar bedrijf. Het beroep op dwaling faalt omdat de overeenkomst en voorwaarden duidelijk zijn besproken en vastgelegd. De vordering tot betaling van het resterende bedrag aan abonnementskosten wordt toegewezen.
De rechtbank wijst ook de vordering tot dossierkosten toe, omdat Catcher Group het dossier elders heeft ondergebracht en de kosten volgens de algemene voorwaarden gelijk zijn aan incassokosten. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen tot het wettelijke maximum. De gevorderde wettelijke handelsrente wordt eveneens toegewezen. De vordering tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad wordt toegewezen, en Catcher Group wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Catcher Group wordt veroordeeld tot betaling van €1.745,26 plus wettelijke rente en proceskosten, met toewijzing van de vordering en uitvoerbaarverklaring bij voorraad.