Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een gevangenisstraf van 6 maanden;
de benadeelde partij [slachtoffer01]van
€ 750,00aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 30 oktober 2021 tot aan de dag der voldoening;
in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijken bepaalt dat de vordering voor dat gedeelte bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;