Wat vindt de rechtbank
8. De vraag is of het UWV terecht stelt dat eiseres geen recht heeft op een WIA-uitkering omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt is. De rechtbank moet die vraag beantwoorden aan de hand van wat eiseres daartegen in heeft gebracht. Belangrijk punt is dat het gaat om de medische toestand van eiseres op 8 juli 2021 en de vraag welke beperkingen daaruit volgen.
9. De rechtbank vindt dat het UWV terecht heeft beslist dat eiseres op 8 juli 2021 voor 17,15% arbeidsongeschikt is en dus geen recht heeft op een WIA-uitkering. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Medische grondslag van het bestreden besluit
10. De rechtbank is van oordeel dat de verzekeringsarts B&B de medische belastbaarheid van eiseres op 8 juli 2021 in de rapporten op inhoudelijk overtuigende wijze en zonder tegenstrijdigheden heeft gemotiveerd.
11. Ter zitting heeft eiseres verduidelijkt dat zij vindt dat zij in het geheel niet in staat is om te werken. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de verzekeringsarts B&B in het rapport van 6 januari 2023 voldoende gemotiveerd dat eiseres niet op medische gronden volledig arbeidsongeschikt te achten is omdat zij niet voldoet aan de criteria van ‘Geen duurzaam Benutbare Mogelijkheden’ zoals in het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten omschreven wordt. Een dergelijke situatie is alleen aan de orde wanneer iemand langere tijd is opgenomen in een ziekenhuis of een WLZ erkende instelling, een onvermogen tot persoonlijk en sociaal functioneren op alle terreinen heeft (psychisch niet zelfredzaam is), bedlegerig is of in grote mate ADL-afhankelijk (waarbij deze het gevolg is van ziekte of handicap waardoor de persoon zodanig beperkt is dat hij niets anders kan), sterk wisselende mogelijkheden heeft met langere tijd verlies van zelfredzaamheid of wanneer iemand binnen drie maanden zijn/haar mogelijkheden zeer waarschijnlijk zal verliezen. Daarvan is bij eiseres geen sprake. De rechtbank vindt dan ook dat de verzekeringsarts B&B terecht een FML heeft opgesteld.
12. Eiseres heeft in beroep aanvullende medische informatie van de reumatoloog, radioloog en huisarts en praktijkondersteuner van haar huisarts verstrekt. Naar aanleiding van haar beroepsgronden en deze medische informatie heeft de verzekeringsarts B&B in beroep aanleiding gezien om de FML aan te passen. Hij heeft een extra beperking aangenomen voor het werken in een koude omgeving zoals koelcellen en vrieskasten (item 3.1.2). De rechtbank is van oordeel dat de verzekeringsarts B&B in het nadere rapport van 6 januari 2023 voldoende heeft gemotiveerd dat de door eiseres ingebrachte medische informatie geen aanleiding geeft voor verdere aanpassing van de FML van 6 januari 2023.
13. De verzekeringsarts B&B heeft voldoende gemotiveerd waarom van een urenbeperking geen sprake is. Hij heeft toegelicht dat de aanwezigheid van energetische beperkingen niet wordt ontkend. In de FML zijn diverse (forse) beperkingen aangenomen ten aanzien van de dynamische handelingen en statische houdingen, waarmee volgens de verzekeringsarts B&B de energetische beperkingen worden verdisconteerd, zodat er geen medische grond is voor een aanvullende beperking in de duurbelastbaarheid. De reumatische klachten en persisterende depressieve stoornis waarvan in de stukken melding wordt gemaakt, geven volgens de verzekeringsarts B&B daartoe geen aanleiding. Eiseres is bekend met reumatoïde artritis maar dit proces is voorafgaand en rondom de datum in geding duidelijk niet actief. Ten aanzien van de depressie was eiseres rondom de datum in geding niet in behandeling, gebruikte zij geen antidepressiva en zijn bij psychisch onderzoek van de verzekeringsartsen geen opmerkelijke afwijkingen gevonden, zodat rondom de datum in geding geen argumenten zijn om uit te gaan van een ernstige depressieve stoornis. Dit leidt dus ook niet tot een urenbeperking.
14. Verder heeft de verzekeringsarts B&B inzichtelijk toegelicht dat de pijnklachten ruimschoots zijn erkend met de forse beperkingen ten aanzien van de dynamische handelingen en statische houdingen. Voor aanvullende beperkingen voor hand- en vingergebruik, werken met toetsenbord en/of muis en schrijven (items 2.4, 4.3 en 4.4) is, zo motiveert de verzekeringsarts B&B, geen grond. Hij verwijst hierbij naar het hand/vingeronderzoek wat door zowel de verzekeringsarts als de verzekeringsarts B&B is verricht. Hierbij werden geen afwijkingen ten aanzien van de fijne motoriek geobjectiveerd, wel was er sprake van een lichte krachtsvermindering in de handen beiderzijds. Om die reden is de knijp/grijpkracht en het uitvoeren van repetitieve hand/vingerbewegingen waarbij veel kracht gevergd wordt beperkt. Ook geven de bevindingen van de reumatoloog beschreven in de brief van 16 november 2021 ten aanzien van het onderzoek van de rechterhand geen aanleiding om aanvullende beperkingen op te nemen. Verder is er volgens de verzekeringsarts B&B geen aanleiding om een beperking voor geknield of gehurkt actief zijn (item 5.5) aan te nemen. Dat eiseres veel last heeft van haar enkels vanwege de reuma blijkt namelijk niet uit de gegevens van de reumatoloog. De reumatoloog vermeldt alleen dat er lichte slijtage is ter hoogte van het basisgewricht van de grote teen rechts (brief van 12 oktober 2022).
15. De verzekeringsarts B&B heeft ook voldoende gemotiveerd dat de verminderde mentale belastbaarheid van eiseres is erkend met beperkingen in de rubrieken persoonlijk en sociaal functioneren. De verzekeringsarts B&B heeft toegelicht waarom hij geen aanleiding ziet om een beperking aan te nemen voor het omgaan met andermans emoties als gevolg van de depressieve klachten. De verzekeringsarts B&B stelt dat een diagnose niet leidend is voor welke beperkingen moeten worden aangegeven. Bovendien blijkt nergens uit het dossier dat eiseres niet zou kunnen omgaan met de emoties van anderen. Verder heeft de verzekeringsarts B&B inzichtelijk gemotiveerd waarom hij het argument van eiseres dat een beperking moet worden aangenomen voor beroepsmatig autorijden omdat wel een beperking is opgenomen ten aanzien van persoonlijk risico niet kan volgen. Hij heeft toegelicht dat het voor hem onduidelijk is op welke medische grond de beperking voor persoonlijk risico is aangenomen, zodat hij geen reden ziet om een beperking op te nemen voor beroepsmatig vervoer.
16. In de verzekeringsgeneeskundige beoordeling kan niet uitsluitend worden afgegaan op hoe eiseres haar klachten zelf ervaart. In de systematiek van de arbeidsongeschiktheidsbeoordeling zijn niet de ervaren klachten of de diagnose doorslaggevend, maar de mate waarin beperkingen ten aanzien van het verrichten van arbeid als gevolg van die klachten objectief medisch kunnen worden onderbouwd. Zonder afbreuk te willen doen aan de door eiseres ervaren impact van haar klachten op het dagelijks leven, merkt de rechtbank op dat er geen medisch objectieve onderbouwing is voor verdergaande beperkingen op 8 juli 2021.
17. De rechtbank vindt dat het UWV terecht heeft geoordeeld dat eiseres op 8 juli 2021 in staat moet worden geacht arbeid te verrichten als daarbij rekening wordt gehouden met de beperkingen die de verzekeringsarts B&B heeft vastgesteld.
Arbeidskundige grondslag van het bestreden besluit
18. De arbeidsdeskundige B&B heeft op grond van de FML van 19 juli 2022 vastgesteld dat eiseres niet geschikt is voor haar eigen werk als taximedewerkster omdat deze functie haar belastbaarheid overschrijdt. De arbeidsdeskundige B&B heeft functies gezocht die eiseres in theorie nog wel kan uitvoeren. Dat heeft drie functies en één reservefunctie opgeleverd.
- ( SBC-code 315133) Administratief medewerker (document scannen);
- ( SBC-code 111180) Productiemedewerker industrie (samenstellen van producten);
- ( SBC-code 267071) Assemblagemedewerker besturingskasten en panelen.
En de reservefunctie (SBC-code 267053) Wikkelaar (nieuw en revisie).
19. De arbeidsdeskundige B&B heeft in haar rapport en de resultaat functiebeoordeling voldoende uitgelegd waarom deze functies geschikt zijn voor eiseres. De arbeidsdeskundige B&B heeft de knelpunten beoordeeld en toegelicht waarom de functies geschikt zijn. Deze toelichtingen zijn voor de rechtbank begrijpelijk.
20. De verzekeringsarts B&B heeft in beroep een extra beperking in de FML opgenomen ten aanzien van werken in een koude omgeving zoals koelcellen en vrieskasten (item 3.1.2). Het UWV heeft in het verweerschrift van 9 januari 2023 gemotiveerd dat dit belastingsaspect in de geduide functies niet voorkomt. De belasting in de geselecteerde functies past daarom onverminderd bij de belastbaarheid van eiseres. De rechtbank vindt dat het UWV hiermee voldoende duidelijk heeft onderbouwd dat eiseres in staat is de functies te vervullen.
21. De stelling van eiseres dat zij de functies gezien haar klachten en beperkingen niet kan verrichten is in feite gericht tegen de vastgestelde FML. De rechtbank heeft hiervoor al geoordeeld dat er geen reden is om aan die vaststelling te twijfelen.
22. De arbeidsdeskundige B&B heeft berekend dat eiseres op 8 juli 2021 met de middelste van de drie geduide functies 82,85% kan verdienen van het loon dat zij verdiende met haar eigen werk, zodat zij voor de overige 17,15% arbeidsongeschikt is.