Betrokkene is eerder veroordeeld voor medeplegen van handelen in hennep en gekwalificeerde diefstal. Het openbaar ministerie vordert ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Tijdens de strafzaak werd een schriftelijke voorbereidingsprocedure ingesteld met termijnen voor conclusies. De officier van justitie diende zijn conclusie van eis te laat in en vroeg pas na het verstrijken van de termijn uitstel.
De verdediging stelde dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege het te laat indienen van de conclusie, verwijzend naar een fatale termijn uit het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Het openbaar ministerie betoogde dat het niet naleven van termijnen niet tot niet-ontvankelijkheid leidt.
De rechtbank oordeelde dat voor niet-ontvankelijkheid een ernstige schending van het recht op een eerlijk proces vereist is, wat hier niet aan de orde is. De schriftelijke voorbereidingsprocedure is facultatief en het niet tijdig indienen van een conclusie leidt niet automatisch tot verval van de vordering. De rechtbank verklaarde het openbaar ministerie ontvankelijk en beval een nieuwe schriftelijke procedure waarbij de officier van justitie zijn recht op conclusie had verspeeld.
De rechtbank stelde termijnen vast voor schriftelijke conclusies van de verdediging en het openbaar ministerie en bepaalde dat de inhoudelijke behandeling spoedig na de laatste conclusie zal plaatsvinden.