Belanghebbende werd op 10 juli 2021 een ambtshalve aanslag vennootschapsbelasting opgelegd voor het jaar 2018 van €83.005, inclusief belastingrente en een verzuimboete van €2.639 wegens het niet tijdig indienen van de aangifte.
Tijdens de zitting overlegt belanghebbende een fiscale winst- en verliesrekening waaruit een belastbaar bedrag van €45.937 blijkt, welk bedrag door de inspecteur wordt aanvaard. De rechtbank vermindert daarom de aanslag en de belastingrente dienovereenkomstig.
De verzuimboete wordt bevestigd omdat belanghebbende naliet tijdig aangifte te doen, ondanks dat een accountantskantoor was ingeschakeld. De rechtbank oordeelt dat belanghebbende zelf verantwoordelijk is en geen sprake is van afwezigheid van alle schuld.
Het beroep wordt gegrond verklaard voor de aanslag en ongegrond voor de verzuimboete. De inspecteur wordt verplicht het griffierecht van €365 te vergoeden.