ECLI:NL:RBZWB:2023:472

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
25 januari 2023
Publicatiedatum
27 januari 2023
Zaaknummer
9688386_E25012023
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Ponds
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging krediet- en koopovereenkomst met gedeeltelijke toewijzing vordering

In deze civiele bodemzaak tussen Arvato Finance B.V. handelend onder de naam Afterpay en gedaagde, heeft de kantonrechter ambtshalve getoetst de krediet- en koopovereenkomst tussen partijen. Na een tussenvonnis van 30 november 2022 is gedaagde niet verschenen en heeft eiseres geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om te reageren op het voorshands oordeel.

De kantonrechter blijft bij het oordeel dat de kredietovereenkomst vernietigd moet worden. Tevens is reeds besloten dat de koopovereenkomst voor 50% wordt vernietigd, waardoor de koopsom met dat percentage wordt verminderd. Dit leidt tot een toegewezen bedrag van €29,23 aan eiseres.

De overige vorderingen van eiseres worden afgewezen. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan de zijde van eiseres, begroot op €272,22. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is op 25 januari 2023 in het openbaar uitgesproken door kantonrechter Ponds.

Uitkomst: De krediet- en koopovereenkomst worden gedeeltelijk vernietigd en gedaagde moet €29,23 betalen plus proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Cluster I Civiele kantonzaken
Bergen op Zoom
zaak/rolnr.: 9688386 CV EXPL 22-440
vonnis d.d. 25 januari 2023
inzake
de besloten vennootschap
Arvato Finance B.V., handelend onder de naam Afterpay,
gevestigd en kantoorhoudende te Heerenveen,
eiseres,
gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders te Amersfoort,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonadres] ,
gedaagde,
niet verschenen.

1.Het verdere verloop van het geding

De procesgang blijkt uit de volgende stukken:
- het tussenvonnis van 30 november 2022 met het daarin genoemde processtuk.

2.De verdere beoordeling

2.1
Al hetgeen in het tussenvonnis van 30 november 2022 is overwogen en beslist wordt hier als herhaald en ingelast beschouwd.
2.2
In voornoemd tussenvonnis is eiseres in de gelegenheid gesteld zich uit te laten omtrent het voorshandse oordeel van de kantonrechter om de tussen eiseres en gedaagde tot stand gekomen kredietovereenkomst te vernietigen.
2.3
Eiseres heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om te reageren, zodat de kantonrechter blijft bij diens voorshandse oordeel en de kredietovereenkomst zal vernietigen. Aangezien daarnaast in het tussenvonnis reeds is beslist dat het passend is de koopovereenkomst voor 50% te vernietigen, zal de koopsom met voornoemd percentage worden verminderd, zodat een bedrag van € 29,23 zal worden toegewezen. De vordering zal voor het overige worden afgewezen.
2.4
Gedaagde wordt als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van eiseres tot op heden worden begroot op:
dagvaardingskosten € 107,22
salaris gemachtigde € 37,00
griffierecht € 128,00
------------
totaal € 272,22

3.De beslissing

De kantonrechter:
veroordeelt gedaagde om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eiseres te betalen een bedrag van € 29,23;
veroordeelt gedaagde in de kosten van dit geding, aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op een bedrag van € 272,22;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. Ponds, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 25 januari 2023, in tegenwoordigheid van de griffier.