In deze civiele bodemzaak heeft de kantonrechter op 5 juli 2023 een aanvullend vonnis gewezen ter herstel van het vonnis van 31 mei 2023. Eisers in conventie verzochten om aanvulling van het dictum, omdat de ontbinding van de huurovereenkomst en de ontruiming wel in de rechtsoverwegingen waren opgenomen, maar abusievelijk niet in het dictum.
Verweerders, Stichting Bella en een natuurlijke persoon zonder bekende verblijfplaats, hebben geen bezwaar gemaakt tegen het verzoek. De kantonrechter heeft het verzoek ingewilligd en het dictum aangepast. De huurovereenkomst met betrekking tot de manege met woning en stallen aan een adres in een plaats wordt ontbonden.
Verweerders zijn veroordeeld om binnen veertien dagen na betekening het gehuurde te ontruimen en ter beschikking te stellen aan eisers, onder afgifte van de sleutels. Bij niet-afgifte is een dwangsom van €300 opgelegd voor het vervangen van sloten. Daarnaast zijn meerdere geldbedragen aan eisers toegewezen, waaronder een bedrag van €168.000,00 en een bedrag van €282.683,33, te vermeerderen met wettelijke rente. Tevens zijn proceskosten en na dit vonnis ontstane kosten toegewezen.
De vorderingen van eiser in reconventie zijn afgewezen, met een proceskostenveroordeling ten laste van deze partij. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, waardoor verweerders ook bij hoger beroep aan het vonnis moeten voldoen.
De veroordelingen zijn hoofdelijk uitgesproken, wat inhoudt dat beide verweerders ieder het volledige bedrag kunnen worden aangesproken.