De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 28 juni 2023 de zaak tegen een verdachte die werd beschuldigd van het dealen van verschillende hard- en softdrugs in Middelburg van juli tot oktober 2020. De officier van justitie baseerde het bewijs op bekennende verklaringen en politieonderzoek van mobiele telefoons. De verdediging betwistte medeplegen en het handelen in LSD.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het dealen van LSD en medeplegen wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. Wel achtte zij bewezen dat verdachte opzettelijk cocaïne, mdma, amfetamine en hennep heeft verhandeld. Verdachte was ten tijde van de feiten 18 jaar oud en had na het overlijden van zijn vriendin, veroorzaakt door een overdosis, zijn leven positief veranderd.
Gezien de ernst van de feiten, maar ook de persoonlijke omstandigheden, het lage recidiverisico en de overschrijding van de redelijke termijn, legde de rechtbank een taakstraf van 150 uur op zonder voorwaardelijke gevangenisstraf. Daarnaast werd beslag gelegd op geld en een iPhone, die verbeurd werden verklaard, terwijl drie pillen werden teruggegeven aan verdachte.