ECLI:NL:RBZWB:2023:5035
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag EU-certificaat voor bewerkte olifantenslagtand wegens ontbreken vergunningen en gewijzigde antiekvrijstelling
Eiser, antiquair, diende een aanvraag in voor een EU-certificaat voor een bewerkte slagtand van een Afrikaanse olifant, die hij meenam bij zijn verhuizing vanuit Zuid-Afrika naar Nederland in 1993. De minister wees de aanvraag af omdat eiser niet kon aantonen te beschikken over de vereiste Zuid-Afrikaanse uitvoervergunning en Nederlandse invoervergunning. Eiser stelde dat het ivoor een antiek stuk was, vervaardigd rond 1935, en dat het zonder vergunning was ingevoerd als onderdeel van zijn huisraad.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende bewijs leverde dat de slagtand rechtmatig was ingevoerd, mede omdat hij geen documenten kon overleggen en de douanecontrole destijds niet expliciet de invoer van de slagtand had goedgekeurd. Daarnaast is de antiekvrijstelling, waarop eiser zich beroept, recentelijk aangescherpt door Europese regelgeving, waardoor de vrijstelling voor bewerkt ivoor niet meer geldt.
De rechtbank concludeert dat de minister terecht het EU-certificaat heeft geweigerd op grond van de geldende CITES-verordeningen en de Wet natuurbescherming. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het griffierecht wordt niet teruggegeven en proceskosten worden niet vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een EU-certificaat voor de bewerkte olifantenslagtand wordt ongegrond verklaard.