Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De overwegingen over het beslag.
6.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het tenlastegelegde;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Op 11 mei 2022 werd verdachte samen met twee anderen aangehouden in een busje waarin een grote hoeveelheid contant geld werd aangetroffen, waaronder €13.300,35 dat aan verdachte werd toegerekend. Verdachte verklaarde dat het geld grotendeels uit eigen werk en leningen van familieleden afkomstig was, onderbouwd met bewijsstukken.
De rechtbank stelde vast dat er een gerechtvaardigd vermoeden was dat het geld van misdrijf afkomstig kon zijn, mede vanwege het grote bedrag en de aanwezigheid van een zeldzame coupure van €500. Echter, de verklaring van verdachte werd als concreet, verifieerbaar en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijk beoordeeld. Het Openbaar Ministerie had daarom nader onderzoek moeten verrichten, wat niet is gebeurd.
Gezien het ontbreken van voldoende bewijs en het feit dat verdachte niet verplicht is zijn onschuld te bewijzen, sprak de rechtbank verdachte vrij van witwassen. Tevens werd gelast dat het aan verdachte toebehorende geldbedrag van €13.300,35 wordt teruggegeven. De overige bedragen die aan medeverdachten toebehoren, worden in hun zaken behandeld.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van witwassen wegens onvoldoende bewijs en gebrekkig onderzoek door het Openbaar Ministerie.