Eiseres heeft een verzoek ingediend op grond van de Wet open overheid (Woo) voor openbaarmaking van documenten over de aanpassing van de werkwijze handvatten nareis van januari 2018 tot september 2022. De staatssecretaris heeft niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van vier weken, met een mogelijke verlenging van twee weken, op het verzoek beslist.
Na ingebrekestelling door eiseres op 2 mei 2023 en het verstrijken van twee weken zonder besluit, stelde eiseres beroep in bij de rechtbank. De rechtbank oordeelde dat het beroep kennelijk gegrond is en dat de staatssecretaris alsnog binnen een aangepaste termijn van zes weken na verzending van de uitspraak moet beslissen. De staatssecretaris had verzocht om uitstel tot begin oktober 2023 vanwege de omvang en complexiteit van het verzoek, maar de rechtbank vond dit te lang.
Daarnaast legde de rechtbank een dwangsom van € 100,- per dag op bij overschrijding van de beslistermijn, met een maximum van € 15.000,-. Tevens moet de staatssecretaris het griffierecht van € 184,- aan eiseres vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt op 21 juli 2023.