ECLI:NL:RBZWB:2023:5185
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding na intrekking beroep tegen gewijzigd UWV-besluit WIA-uitkering
Verzoekster had een WIA-uitkering aangevraagd die door het UWV aanvankelijk werd geweigerd wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. Na bezwaar en beroep wijzigde het UWV het besluit en kende een uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid van 55,85%. Verzoekster trok daarop haar beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De rechtbank oordeelde dat het UWV gedeeltelijk aan het beroep tegemoet was gekomen en dat verzoekster recht had op vergoeding van de kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De kosten van een aangekondigd expertiserapport werden niet vergoed omdat dit niet in de procedure was ingebracht en geen rol had gespeeld bij het gewijzigde besluit.
De proceskosten werden vastgesteld op € 837,-, gelijk aan één punt volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht. Daarnaast wees de rechtbank erop dat het griffierecht van € 50,- door het UWV moet worden vergoed. De uitspraak werd gedaan door rechter R.J. van Lochem op 24 juli 2023.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van € 837,- aan proceskosten voor beroepsmatige rechtsbijstand na intrekking van het beroep.