ECLI:NL:RBZWB:2023:573
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging belastingaanslagen wegens onvoldoende bewijs hennepkwekerij als bron van inkomen
Belanghebbende werd geconfronteerd met navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en Zorgverzekeringswet (Zvw) over de jaren 2011 tot en met 2016, gebaseerd op een hennepkwekerij die in 2016 op haar adres werd aangetroffen. De inspecteur stelde dat de hennepkwekerij een bron van inkomen was en rekende een deel van de opbrengst toe aan belanghebbende.
De rechtbank oordeelde dat de inspecteur niet voldeed aan de bewijslast om aan te tonen dat belanghebbende betrokken was bij de hennepkwekerij of daaruit inkomsten genoot. De kwekerij was verborgen en alleen via de garage van een derde bereikbaar, en belanghebbende leefde van geld dat zij van die derde ontving. Hierdoor werden de aanslagen over 2011 en 2013 tot en met 2016 vernietigd, en de aanslag over 2012 verminderd.
Verder werd een immateriële schadevergoeding van €4.500 toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn en werden proceskosten en griffierecht aan belanghebbende vergoed. De uitspraak is openbaar en kan binnen zes weken worden aangevochten bij het gerechtshof.
Uitkomst: De belastingaanslagen over 2011 en 2013-2016 worden vernietigd en de navorderingsaanslag 2012 verminderd wegens onvoldoende bewijs van inkomen uit de hennepkwekerij.