De gecertificeerde instelling (GI) verzocht op 25 augustus 2023 met spoed om een machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, geboren in 2008, voor een periode van vier weken en aansluitend zes maanden. De minderjarige verblijft momenteel bij haar moeder, en er is een lopende ondertoezichtstelling tot 30 maart 2024.
De kinderrechter beoordeelde dat er geen onmiddellijk of ernstig gevaar is dat een spoedige uithuisplaatsing rechtvaardigt. De GI was voornemens eerst het gezinshuis te bezoeken voordat plaatsing zou plaatsvinden, wat het ontbreken van acuut gevaar onderstreept. Daarnaast waren de opvattingen over het verzoek verdeeld.
Daarom werd het spoedverzoek afgewezen, maar de kinderrechter achtte het noodzakelijk het reguliere verzoek met spoed mondeling te behandelen. Het gesprek met de minderjarige en de mondelinge behandeling zijn gepland op 29 augustus 2023. De GI is verzocht de betrokkenen tijdig te informeren en de kinderrechter nader te informeren over de actuele situatie, aangezien het bijgevoegde rapport verouderd lijkt.
De beschikking is op 25 augustus 2023 in het openbaar uitgesproken door kinderrechter Duinhof in aanwezigheid van griffier Van Ginneke. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden via het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.